Grammaire – Le subjonctif

Geen Fransman die ons verzoek kan weerstaan als we deze pagina met de lees- en luisteroefeningen hebben doorgenomen want we hebben dan de subjonctif onder de knie.
Want let op: de subjonctif wordt veel gebruikt in de gesproken taal.
Hiermee kun je erg veel punten winnen…

Wat is de subjonctif?
Le subjonctif is een werkwoordvorm die gebruikt wordt om wensen en doelen uit te drukken. Het betreft meestal dingen die nog niet echt gebeurd zijn.

Wat drukt de subjonctif uit?
Het wordt toegepast in constructies die vaak iets hebben met ‘wensen’ of ‘doelen’.
♣ Wat je wenst wordt in de subjonctif uitgedrukt.
Bijvoorbeeld: ‘Je voudrais que + onderwerp + subjonctif’
‘Je voudrais que tu manges’ (Ik wil dat je eet); ‘que tu manges’ is subjonctif.

♣ De subjonctif wordt aangekondigd door vaste constructies, bijvoorbeeld:

‘J’aimerais que nous parlions avec lui’ (Ik wil dat we met hem praten)
‘J’aimerais que’ is een vaste constructie, hierna is de subjonctif verplicht: ‘parlions’. ‘Je voudrais que’ is ook zo’n vaste constructie.

♣ Alle constructies die een werkwoord in de subjonctif introduceren bevatten ‘que’, daardoor wordt de subjonctif vervoegd met ‘que’ ‘que je parles, que tu vives, qu’il vive etc’

Deze werkwoordsvorm bestaat niet in het Nederlands.

Wanneer wordt de subjonctif gebruikt?

Samen met vaste uitdrukkingen of werkwoorden.
Je voudrais que
Je souhaiterais que que
J’aimerais que
Je désire que
Il est important que
Pour que

Hoe wordt het subjonctif gevormd?
♣ Goed nieuws is dat de uitgangen heel erg lijken op de uitgangen van de tegenwoordige tijd. Let op de i bij nous en vous.
‘que je parle, que tu parles, qu’il parle, que nous parl i ons, que vous parl i ez, qu’ils parlent’. De STAM is de stam van de derde persoon meervoud tegenwoordige tijd.
♣ Minder goed nieuws is dat er 5 veel gebruikte werkwoorden zijn die onregelmatig zijn en veel gebruikt worden. De eerste persoon leren helpt om makkelijker verder te gaan.

Être : ‘que je sois’
‘il voudrait que je sois belle ce soir’
Avoir : ‘que j’aie’
‘il voudrait que j’aie le temps pour sortir avec lui’
Venir : ‘que je vienne’
‘il voudrait que je vienne au restaurant’
Aller : ‘que j’aille’
‘il voudrait que j’ aille en voiture’
Faire : ‘que je fasse’
‘il voudrait que je fasse un effort’

Maar … de uitgangen zijn wel vaak zoals de tegenwoordige tijd, met uitzondering van nous en vous: -ions, -iez.
ÊTRE:
We nemen dan de stam soi-:
que je soi- en daarna komt de uitgang als volgt.
‘Être’ is erg trots op zichzelf en blijft voor de enkelvoudsvormen graag bij zijn eigen uitgangen van de tegenwoordige tijd (s- ,s- ,t- (je suis, tu es, il est). Voor nous, vous, ils/elles sluit hij aan bij de standaard subjonctif uitgangen van -er club, zoals in het voorbeeld van ‘parler’. (-ions, -iez, -ent).

• que je sois (klinkt /kzje swa/)
• que tu sois (klinkt /ktu swa/)
• qu’il soit (klinkt /kilswa/)
• que nous soyons (met zooveel klinkers beslist de -i een -y te worden naast de klinker van -ons. Het klinkt /knoe swajon/).
• que vous soyez (zelfde als boven. Het klinkt /kvou swajé/.
• qu’ils soient (de -i beslist te blijven zoals hij is want die -ent derde persoon meervoud wordt toch NIET
uitgesproken. Het klinkt /kilswa/)
Samenvatting: ‘Être’ is erg trots op zichzelf, maar gaat toch mee met de -er club bij nous, vous en ils/elles.
Et voilà!

AVOIR:
We nemen dan de stam ai-:
que j’ai- en daarne komt de uitgang als volgt.
Het werkwoord ‘avoir’ heeft ook erg zin om een beetje bij de leuke club van de -er werkwoorden te horen (-e, -es, -e, -ions, -iez, -ent), en neemt hij hier zijn kans met de subjonctif. Hij krijgt alleen twijfels bij de derde persoon waar hij met -t partij kiest voor de uitgang van de -ir werkwoorden in de tegenwoordige tijd.

• que j’ aie (klinkt /kzjè/)
• que tu aies (klinkt /ktuè/)
• qu’il ait (‘avoir’ is een draaikont… en nu wil hij lijken op de werkwoorden in -ir, derde persoon met een -t in de tegenwoordige tijd)
• que nous ayons (met zooveel klinkers beslist de -i een -y te worden naast de klinker van -ons. Het klinkt /knoe zèjon/
• que vous ayez (zoals bij nous de -i wordt een -y. Het klinkt /kvoe zèjé/)
• qu’ils aient (omdat -ent derde persoon meervoud NIET uitgesproken wordt beslist de i niet te veranderen. Het klinkt /kilzè/.
Samenvatting: ‘Avoir’ wil graag bij de -er club horen maar krijgt twijfels bij de 3de persoon…
Et voilà!

FAIRE:
We nemen dan de stam fass-:
que je fass-
‘Faire’ is ook een werkwoord dat wil horen bij de leuke en eenvoudige club van de -er. Faire is dan wel erg consequent en gebruikt keurig alle uitgangen van -er.

• que je fasse (klinkt /kzgfass/)
• que tu fasses (klinkt /ktufass/)
• qu’il fasse (klinkt /kilfass/)
• que nous fassions (/knoufassion/
• que vous fassiez /kvoufassié/
• qu’ils fassent (klinkt /kilfass/)
Samenvatting: Faire begint fussy (fass-) maar blijkt een goede camaraad van de -er club.
Et voilà!

VENIR:
We nemen dan de stam vienn-:
que je vienn- (Deze stam is de stam van de derde persoon meervoud tegenwoordige tijd: ils viennent). Voor de uitgangen gaat het zoals volgt:
‘Venir’ vindt de -er club erg gezellig en gebruikt keurig alle uitgangen van de -er. Maar… ‘nous’ en ‘vous’ van venir willen volledig de stam van de vader ‘venir’ volgen. Daarom worden ze: venions en veniez.

• que je vienne (wordt uitgesproken: kzje vièn)
• que tu viennes (k’tû vièn)
• qu’il vienne (kilvièn)
• que nous venions (k’noe venions)
• que vous veniez (k’voe venié)
• qu’ils viennent (kilvièn)
Samenvatting: ‘Venir’ volgt erg consequent de uitgangen van de -er club. Maar …’venir’ in de subjonctif heeft psychologische problemen en kan bij ‘nous en ‘vous’ de stam van de vader ‘venir’ niet los laten.
Et voilà!

ALLER:
We nemen dan de stam aill-:
que j’aill-
‘Aller’ is ook een werkwoord dat bij de leuke en eenvoudige club van de -er wil horen. Aller is dan wel erg consequent en gebruikt keurig alle uitgangen van -er (-e,-es,-e,- i ons, – i ez, -ent) behalve bij nous en vous waar hij de vader stam niet kan verlaten (allions, alliez).

• que j’aille (klinkt /aij/ heeft hij pijn?)
• que tu ailles (/k’tüaij/)
• qu’il aille (/kilaij/)
• que nous allions (stam van de vader All-er. Het klinkt /k’nouzalions/)
• que vous alliez (stam van de vader All-er. Het klint /k’vouzalié)
• qu’ils aillent (/kilzaij/)
Samenvatting: Met zijn eigenzinnige stam aill- (heeft hij pijn?) gaat ALLER daarna netjes bij de -er club… maar heeft, zoals ‘venir’, ook problemen om de stam van de vader ‘all-er’ te verlaten bij nous en vous
Et voilà!

1. FRANSE LEES- en LUISTEROEFENING
Test à réponses multiples sur les conjugaisons.
Multiple choice test over de uitgangen van de subjonctif.
Une seule bonne réponse est possible.

Le subjonctif - Le chef d'un restaurant parle avec un de ses employés

Rappel: De subjonctif lijkt op de tegenwoordige tijd behalve voor de vormen nous en vous: -ions en -iez. Celles-ci prennent un -i: ions, iez. Les principaux verbes irréguliers : ( être) que je sois - (avoir), que j'aie - (faire), que je fasse - (venir), que je vienne - ( aller), que j'aille
Begin de quiz

Gefeliciteerd! - u heeft de Le subjonctif - Le chef d'un restaurant parle avec un de ses employés quiz afgerond.

U heeft %%SCORE%% van de %%TOTAL%% vragen goed.

Dat is %%RATING%%


De antwoorden zijn hieronder aangegeven.
Terug
Grijze blokken zijn reeds beantwoord.
12345
678910
Einde
Terug

2. FRANSE LEESOEFENING
Vous avez fini les dix questions de l’exercice 1?
Ben je klaar met de 10 vragen van oefening 1?
Faites alors clic sur les cartes …

  • De subjonctif drukt vaak wensen uit
    Le subjonctif exprime souvent des souhaits
  • Ik zou willen dat + subjonctif
    J'aimerais que + subjonctif
  • Avec le verbe aimer
    J'aimerais que + subjonctif
  • Avec le verbe souhaiter
    Je souhaiterais que + subjonctif
  • Avec le verbe vouloir
    Je voudrais que + subjonctif
  • Avec le verbe désirer
    Je désire que + subjonctif
  • Het is belangrijk dat + subj.
    Il est important que + subj.
  • Zodat + subj.
    Pour que + subj.
  • De subjonctif lijkt erg op ...
    de tegenwoordige tijd
  • Afwijkend zijn ...
    de nous en vous vorm
  • Nous vorm eindigt in ...
    -ions
  • Vous vorm eindigt in ...
    -iez
  • De 3de persoon meervoud tegenw. tijd ...
    is de stam voor de subjonctif
  • 2 belangrijke onregelmatige ww
    avoir (que j´aie), être (que je sois)
  • Nog 3 belangrijke onregelmatige ww
    faire (que je fasse), aller (que j'aille), venir (que je vienne)
  • avoir
    que j'aie
  • être
    que je sois
  • aller
    que j'aille
  • venir
    que je vienne
  • faire
    que je fasse
  • Vocabulaire
  • rester
    blijven
  • être à quinze
    met zijn 15 zijn
  • chez toi
    bij jou thuis
  • chez moi
    bij mij thuis
  • aujourd'hui
    vandaag
  • tout de suite
    meteen
  • faire du bruit
    lawaai maken
  • faire beaucoup de bruit
    veel lawaai maken
  • faire du vacarme
    veel lawaai maken
  • steack haché
    hamburger
  • boire
    drinken
  • ils boivent
    ze drinken
  • rassurer
    gerust stellen
  • je m´inquiète
    ik maak me zorgen
  • arriver à l´heure
    op tijd aankomen
  • passer l´aspirateur
    stofzuigen
  • Cousins inconnus et petits soucis ...
    Onbekende neven en kleine zorgen ...
  • Petite histoire
    Klein verhaal
  • Utilisez: j'aimerais que + subj.
    Gebruik: j'aimerais que + subj.
  • Ils restent à l´hôtel aujourd'hui?
    J'aimerais qu'ils restent à l´hôtel aujourd'hui
  • Ils viennent chez moi dimanche?
    J'aimerais qu'ils viennent chez moi dimanche
  • Ils arrivent chez moi à midi?
    J' aimerais qu'ils arrivent chez moi à midi
  • Ils sont charmants?
    J' aimerais qu´ils soient charmants
  • Ils ont une voiture?
    J' aimerais qu'ils aient une voiture
  • Utilisez: Je voudrais que + subj.
  • Ils ont bien dormi?
    J'e voudrais qu'ils aient bien dormi
  • Ils ont bien petit-déjeuné?
    Je voudrais qu'ils aient bien petit-déjeuné
  • Ils restent déjeuner?
    Je voudrais qu'ils restent déjeuner
  • Ils partent tout de suite le soir?
    Je voudrais qu'ils partent tout de suite le soir
  • Utilisez: Je ne voudrais pas que + subj.
  • Eh ben ...
    Zo ...
  • Ils sont à quinze? Eh ben ...
    Je ne voudrais pas qu'ils soient à quinze
  • Ils sont chaotiques? Eh ben ...
    Je ne voudrais pas qu' ils soient chaotiques
  • Ils arrivent avec un chat?Eh ben ...
    Je ne voudrais pas qu'ils arrivent avec un chat
  • Ils ont un chien? Eh ben...
    Je ne voudrais pas qu'ils aient un chien
  • Ils font du vacarme? Eh ben ...
    Je ne voudrais pas qu'ils fassent du vacarme
  • Utilisez: J' aimerais que + subj.
  • Car ...
    Want ...
  • Ils mangent des spaghettis?
    Car ...J'aimerais qu'ils mangent des spaghettis
  • Ils mangent des steacks hachés?
    Car...J' aimerais qu'ils mangent des steacks hachés
  • Ils boivent de l'eau et du vin?
    Car...J'aimerais qu'ils boivent de l'eau et du vin
  • Ils prennent du pain? Car ...
    J' aimerais qu'ils prennent du pain
  • Ils mangent du concombre?
    Car ...J'aimerais qu'ils mangent du concombre
  • Ils mangent de la tarte?
    Car...J'aimerais qu'ils mangent de la tarte
  • Utilisez: Il est important + subj.
  • ...........qu'ils arrivent à midi
    Il est important qu´ils arrivent à midi
  • .........qu´ils soient sages
    Il est important qu´ils soient sages
  • .........qu´ils soient polis
    Il est important qu´ils soient polis
  • Observez l´usage de: Pour que
  • Tu me téléphones
    ...pour que je sois prête
  • Tu me rassures...
    pour que je ne m´inquiète pas
  • Tu viens m´aider
    ...pour que je sois bien préparée
  • Tu apportes le fromage
    ...pour que j´aie plus de temps
  • Tu passes l´aspirateur
    ...por que je sois moins fatiguée
  • Tu achètes des fruits
    ...pour qu´ils mangent bien
  • Merci ma bonne amie!
  • Vocabulaire
  • les courses
    de boodschappen
  • rapporter
    mee nemen, terug brengen
  • payer
    betalen
  • tendre
    zacht
  • épicier
    kruidenier
  • Remettez au présent
    Zet terug in de tegenwoordige tijd
  • S´il te plaît...
    Als je blieft...
  • Je souhaiterais que tu fasses les courses
    Tu fais les courses?
  • Je souhaiterais que tu rapportes du pain
    Tu rapportes du pain?
  • Je souhaiterais que le pain soit bien tendre
    Le pain est bien tendre?
  • Je souhaiterais que tu passes chez l'épicier
    Tu passes chez l´épicier?
  • Je souhaiterais que tu achètes trois melons
    Tu achètes trois melons?
  • Je souhaiterais que tu partes tout de suite
    Tu pars tout de suite?
  • Je souhaiterais que tu payes avec ma carte
    Tu payes avec ma carte?
  • Infiniment merci!

BRAVO 47221